Een afscheid uit het hart
Als je dierbare moet verhuizen naar een woonzorgcentrum, komen daar vaak veel emoties bij kijken.
Zeker als er nog een partner is en mensen al jaren samen hebben gewoond.
Soms gaat het thuis niet meer.
Het enige wat je dan hoopt, is dat je dierbare op een goede plek terechtkomt.
En eerlijk is eerlijk: als uitvaartverzorger heb ik er veel gezien.
Mooie woonzorgcentra. Schrijnende situaties. En alles daartussenin.
Je hoopt dat iemand de beste zorg krijgt.
Tijdens het leven… maar eigenlijk ook daarna.
De manier waarop een woonzorgcentrum afscheid neemt, zegt mij veel.
Elk woonzorgcentrum begeleidt een overledene naar buiten.
Zelfs midden in de nacht, soms met maar één verpleegkundige.
Maar hoe dat gebeurt, maakt een wereld van verschil.
Ik geef je twee voorbeelden.
In het ene woonzorgcentrum wilden de nabestaanden graag nog een muziekstuk laten horen tijdens de uitgeleide. Dat heb ik gedaan. De uitgeleide was mooi.
De dag erna werd ik gebeld.
Hoe ik het in mijn hoofd haalde om daar tijd voor te nemen. Daar was toch helemaal geen ruimte voor?
En dan het andere uiterste.
De Herbergier in Schoonhoven. Deze noem ik bij naam want de medewerkers verdienen een absolute pluim.
Voor mij een stuk uit de route, maar dat was het meer dan waard.
We hadden meneer samen met zijn kinderen in de kist gelegd.
In alle rust sloten zij de kist.
Vaak lopen kinderen daarna mee naar beneden.
Hier niet.
De verpleegkundigen hebben de kist zelf naar beneden begeleid, want zeiden ze “we hebben ook bij leven voor hem gezorgd.“
Ik wachtte boven tot ik een seintje kreeg.
Het duurde even.
Pas later begreep ik waarom.
Beneden hadden ze het hele huis verzameld.
In de smalle gang stonden bewoners, in rolstoelen, met rollators, sommigen nog even rechtop.
Iedereen met een oranjekleurige roos in de hand, die de bewoners en de verpleegkundigen later één voor één op de kist hebben gelegd.
Toen we naar beneden kwamen, klonk er muziek.
Een verpleegkundige sprak. Geen gedicht, geen standaard tekst.
Gewoon woorden recht uit het hart.
Daarna weer muziek.
Nog iemand die sprak.
En nog een laatste lied — hetzelfde lied waarmee later ook de uitvaart werd afgesloten.
Uiteindelijk begeleidden zij zelf de kist naar de rouwauto.
Daar nam de familie het over en liep voor de rouwauto uit.
Zoveel liefde.
Het was zó mooi, dat de familie het gevoel had dat de uitvaart eigenlijk al gehouden was.
En die moest de volgende dag nog plaatsvinden.